Afwijzingen en verwerking
Over loslaten, doorzetten en zelf de stem nemen, wat dossiers vertellen en wat ze niet zeggen.
Ik zocht opnieuw hulp van Fiom
Vijf jaar later, in oktober 2010, kon ik het niet loslaten.
Ik nam opnieuw contact op met Fiom. Pas toen drong het opnieuw tot me door: ze wilde echt geen contact.
Ik had de boodschap 5 jaar geleden niet goed onthouden, ik dacht dat ze tijdelijk geen contact meer wilde...
Ik kreeg opnieuw goede begeleiding, uitleg en ´huiswerk´opdrachten.
Weer wachten. Weer verhuizingen. Pas in februari 2011 kwam er een nieuw adres.
In deze brief vroeg ik niet meer specifiek om één ontmoeting.
Maar vooral ook naar informatie over erfelijkheid en wie is mijn biologische vader.
En als dat niet kon: wilde ik inzage in het afstandsdossier.
Op Valentijnsdag 2011 belde ze.
Kort. Koud. Afstandelijk.
Ze wilde niets meer met mij of met Fiom te maken hebben. Ze wilde uit alle bestanden worden verwijderd.
Een keiharde klap.
Zwart op wit
Dankzij mijn begeleider Amber kreeg ik alsnog inzage in het dossier.
Ze zat naast me toen ik het opende.
Ze erkende mijn boosheid. Mijn verdriet.
En ze zorgde ervoor dat ik eindelijk kreeg waar ik recht op had.
Samen lazen we elk document. Elke bladzijde.
Mijn leven, vastgelegd in kille zinnen.
Zwart op wit.
Ik las hoe ze na een half jaar zwangerschap bij Fiom terechtkwam.
Hoe ik via een keizersnede geboren werd.
Dat ze me niet heeft gezien.
Niet heeft vastgehouden.
Ik las dat haar vriendinnen haar keuze niet begrepen.
Dat ze zichzelf nog een kind vond.
Dat afstand volgens haar het beste was.
En toen las ik het advies:
Plaats het kind zo snel mogelijk in een adoptiegezin.
Bij jonge mensen.
Alsof ik een dossier was dat afgehandeld moest worden.
Een beslissing die haast boven alles ging.
Mijn adoptie ouders waren begin veertig.
Na tien jaar wachten.
Smachtend.
Liefdevol.
Die dossiers gaven geen rust.
Ze deden pijn.
Maar ze gaven context.
Ze lieten zien dat waarheid nooit zwart-wit is.
Dat keuzes ontstaan uit angst, uit jeugd, uit omstandigheden.
En dat liefde soms aan twee kanten tegelijk bestaat.
Verder zaten er wat papieren in van de kinderbescherming en wat standaarddocumentatie
over afstand doen van een kind als afstandsmoeder.
En er stond geen informatie in over wie mijn biologische vader was…
Ik had juist gehoopt meer antwoorden in het dossier te vinden over hem.
Maar opnieuw bleef ik met veel vragen achter.
Ik weet nu ietsje meer, maar nog niet genoeg.
Voorlopig probeerde ik het los te laten…
Wat kon ik immers nog meer doen?
Ik zocht erkenning van lotgenoten
In 2011 nam ik deel aan een lotgenotengroep.
Dat hielp.
Ik leerde meer over wat adoptie met een mens kan doen.
Hoe het zich soms verbergt achter perfectionisme, achter controle, achter een diep verlangen om gezien en bevestigd te worden.
Eindelijk voelde ik me gehoord en begrepen — want alleen andere geadopteerden begrijpen echt hoe het voelt om jarenlang met deze vragen,
dit gemis en deze emoties rond te lopen.
Bij niet-geadopteerden sta je vaak alleen.
Je voelt je dan niet helemaal gezien, niet helemaal begrepen.
Ik hoorde de emotionele verhalen van andere geadopteerden.
Over zoeken en niet zoeken.
Over boosheid, loyaliteit, schuldgevoel.
Over het gevoel nergens helemaal bij te horen.
We bespraken ook de verhalen van afstandsmoeders.
Vrouwen die jong waren, vaak alleen, overrompeld door alles wat er op hen afkwam.
We probeerden ons in hen te verdiepen.
Niet om hun keuzes goed te praten — maar om te begrijpen.
We spraken over de vragen die buitenstaanders zo makkelijk stellen, maar die zo diep snijden:
Heb je fijne ouders gehad, Kunnen je ouders geen kinderen krijgen?
Waar kom je vandaan?
Die vragen lijken simpel, maar raken aan alles wat je bent.
De groep gaf me geen antwoorden tijdens mijn eigen biologische zoektocht.
Maar ze gaven erkenning.
Ze lieten zien dat ik niet de enige was die worstelde met gemis, loyaliteit, schuldgevoel en verlangen.
En soms, besefte ik, is dat — gehoord en begrepen worden — belangrijker dan welk antwoord dan ook.
Niet alleen
De verhalen van anderen gaven me geen kant-en-klare antwoorden.
Maar ze gaven iets veel waardenvollers: erkenning, herkenning, en de wetenschap dat mijn gevoelens er mogen zijn.
Misschien herken je het zelf: dat gevoel van alleen staan, niet helemaal begrepen worden.
Het is zwaar. Maar soms, door te luisteren en gehoord te worden, merk je dat je niet alleen bent.
Dat besef neem ik mee, elke dag weer.
En dat gevoel — gehoord, gezien, erkend — geeft kracht om verder te gaan, om mijn eigen pad te vinden, en om mijn verhaal te blijven delen.
In het volgende deel 5 : Doorbraak door eigen actie
Lees je hoe ik mijn zoektocht naar mijn afkomst voortzette,
en hoe ik probeerde het bestaan van mijn biologische vader te achterhalen.